| | Schuilplaats voor weidedieren: advies vanhet OIVO
De wakkere consument - Landbouw Date : 23-08-2007In 2006 en begin 2007 heeft het OIVO deelgenomen aan de vergaderingen van de werkgroep dieren in de wei van de Raad voor Dierenwelzijn. De werkgroep had als opdracht een advies uit te werken over een wetsvoorstel van mevrouw Magda De Meyer van 02/05/2005, waarin staat dat er mogelijkheid om te schuilen moet voorzien worden voor de dieren die buiten verblijven. In mei heeft de voorzitter van de werkgroep aan de Raad voor Dierenwelzijn een advies voorgelegd dat geen weergave is van het standpunt van de dierenbeschermers noch van de mening van de consumenten. De consumenten hebben daarover hun beklag gedaan bij de Raad en werden daarop uitgenodigd om hun advies bij dat van de werkgroep te voegen. Dat is wat het OIVO heeft gedaan. Hierna volgt een korte samenvatting van het standpunt dat het OIVO in dat advies verdedigd heeft:
- Het OIVO herhaalt dat het in de Raad voor Dierenwelzijn zetelt en dat de adviezen de bezorgdheid om de dieren (welzijn, comfort) moeten weergeven.
- De dieren moeten beschikken over een schuilmogelijkheid in de winter, d.i. van 15 november tot 15 maart (eenparigheid van stemmen in de werkgroep over dat punt).
- Voor de zomerperiode is het OIVO van mening dat alle dieren, inclusief de volwassen runderen en volwassen paarden, de mogelijkheid moeten hebben om in de schaduw te gaan staan op de warmste momenten van de dag (tussen 12u en 16u). Die schaduw zou afgeworpen moeten worden door planten (hoge hagen, rijen bomen, groepjes bomen) en dit om diverse redenen, die in het advies worden uiteengezet.
Daarenboven moeten er overgangsmaatregelen voor een periode van 10 jaar voorzien worden, omdat planten niet op één jaar tijd voldoende hoog groeien:
- Het OIVO stelt voor om te voorzien dat, wanneer op basis van de temperatuurvoorspellingen van het KMI een HITTEGOLFWAARSCHUWING wordt afgekondigd door de federale minister van Volksgezondheid (overeenkomstig het plan hittegolf en ozonpieken ingevoerd door het ministerie van gezondheid), alle dieren die buiten verblijven over de mogelijkheid moeten beschikken om schaduw op te zoeken. De oorsprong van die schaduw (planten, afdak, zeildoek, gebouw vlak naast de weide) heeft tijdens die overgangsperiode geen belang, maar de oppervlakte die tijdens de kritieke uren (van 12u tot 16u) in de schaduw ligt moet voldoende groot zijn om plaats te bieden aan alle dieren.
|