Français - Nederlands
t
Lid worden
Zone lid    
Consulteer gratis de studies van het OIVO, de Newsletter, de consumenteninformatie
E-mail : Paswoord:
Paswoord vergeten? klik hier
Tip : Om de volledige lijst van de door het OIVO gepubliceerde gegevens te kunnen raadplegen, schrijf u in !
NEWSWEEK

HOME  
CONSUMPTIEBAROMETER  
OIVO-CRIOC  
DOCUMENTATIECENTRUM  
ONDERZOEKEN EN ANALYSES  
PUBLICATIES  
PERSBERICHTEN  
DE WAKKERE CONSUMENT  
AGENDA  
OIVO-INITIATIEVEN  
LINKEN  
UW VRAGEN, ONZE AANTWOORDEN  

EN ...  

 Voeding-gezondheid.be  
Consumentenbedrog.be  
SaferInternet.be  
Move-eat.be  
Brussels Observatorium voor   t
Duurzame Consumptie
    
Verdien1000euro.be  
Observatorium-   t
consumptie.be
    




   

 
Memorandum over consumentenbescherming op Europees niveau

Publicaties - Consumptie
Date : 30-04-2004

De verbruikersorganisaties (VO) willen de Europese dialoog over consumptie verbeteren, in het bijzonder met het oog op de uitbreiding van de E.U., waarna nieuwe landen een woordje zullen moeten meepraten. Zij dringen erop aan dat de veiligheid, zowel van voeding als van non-foodproducten, gewaarborgd wordt.

De VO stellen vast dat de beroepssectoren hoe langer hoe meer het principe van de zelfregulering via gedragscodes aanbevelen. Er steken nieuwe problemen de kop op, zoals de dualiteit van de consumptie, en in het bijzonder van het voedingsaanbod, maar ook de liberalisatie van de openbare diensten en de opgetekende evolutie in bepaalde sectoren, die aantonen dat het principe van de universele dienst brandend actueel blijft, onder andere in het kader van de liberalisatie van de openbare diensten, waartoe alle consumenten gewaarborgde toegang moeten hebben.

In dit memorandum formuleren de VO een aantal prioriteiten op het vlak van het consumentenbeleid voor de volgende commissie, vooral waar het de kwetsbaarste consumenten betreft.

De expertise van de verbruikersorganisaties

De verbruikersorganisaties moeten beschikken over een capacity building, d.w.z. over de middelen die nodig zijn voor het ontwikkelen van voldoende deskundige kennis (inzake toezicht op de markten en op de handelspraktijken, enz.), voor het installeren van analyseerinstrumenten voor het stakeholders- en consumentengedrag met het oog op het voorbereiden van de beleidsopties voor de overheid in verband met consumptie en het evalueren van hun resultaten, alsook voor het participeren in de organen die in het licht van de participatieve democratie opgericht worden.

De VO vragen aan de Europese Commissie dat zij de mechanismen ontwikkelt voor het verzamelen van informatie en onder andere statistieken opmaakt over de consumptie, in samenwerking met de onderzoeksinstituten in de lidstaten, en dat zij de ontwikkeling aanmoedigt van een Europees netwerk van onderzoekscentra rond consumentenzaken, steunend op de structuren die in de lidstaten reeds bestaan.

De vertegenwoordiging van de verbruikersorganisaties

Het zou goed zijn indien de mechanismen in werking zouden worden gesteld die nodig zijn voor de democratische vertegenwoordiging van alle nationale, gewestelijke en Europese verbruikersorganisaties.

De VO vragen dat het normalisatieproces zou worden versterkt met de medewerking van veelzijdige instellingen en democratischer zou worden gemaakt door de participatie van de vertegenwoordigers van de nationale verbruikersorganisaties in de participatieorganen en debatkringen te ondersteunen.

Beleid ter bescherming van de consument

Voor de bescherming van de consumenten en voor de nieuwe vormen van reglementering benadrukken de VO het belang van het wettelijk kader. Ze zijn geen voorstanders van de vrijwillige en niet-onderhandelde gedragscodes, maar zijn meer gewonnen voor een echte co-regulering, die de vorm kan aannemen van collectieve consumentenovereenkomsten. De VO verkiezen een duidelijke wetgeving waarvan de toepassing strikt gecontroleerd wordt. Zij vragen ook dat de wetten die de consument beschermen strikter worden toegepast, onder andere als het gaat over bedrog en meer bepaald over de jonge consumenten en het gebruik van het Internet en van de communicatietechnologieën (telefonie, spam, pop-ups enzovoort).

De VO vragen ook met aandrang om een betere bescherming van de minderjarigen op het Internet. Zij staan achter het idee om op internationaal niveau een domeinnaam in de aard van child.eu of kids.eu in het leven te roepen. Die domeinnaam zou voorbehouden zijn voor websites die beantwoorden aan een reeks algemene registratievoorwaarden en die meteen ook specifiek voor minderjarigen voorbestemd zouden zijn. Daarenboven zou de inhoud van deze sites streng en regelmatig gecontroleerd worden.

De VO vragen dat de Europese Commissie de strijd zou coördineren tegen de laakbare handelspraktijken van diegenen die de mogelijkheden welke het vrij verkeer binnen de interne markt biedt misbruiken om de consumenten te bedriegen. De obstakels voor de uitwisseling van informatie en voor de samenwerking van de gerechtelijke instanties moeten weggewerkt worden. De VO dringen er ook op aan dat de Commissie zou tussenkomen om de misleidende handelspraktijken, inclusief de laakbare handelspraktijken en de agressieve verkoopmethoden, in heel Europa te bannen.

De voorlichting van de consument

De VO spelen een belangrijke rol in de bescherming en voorlichting van de consumenten. Zij vragen dat de Europese Commissie een openbare communicatieruimte ter beschikking van de VO zou stellen die hen in staat stelt om boodschappen van algemeen belang over consumptie te verspreiden.

De VO vragen om een breed overleg te organiseren aangaande de technologische evolutie en het in gebruik nemen van nieuwe reclamedragers.

De geneesmiddelen

Ze dringen erop aan dat de Europese Commissie de reclame voor geneesmiddelen strikt zou reglementeren.

Logo's en claims

Om de verspreiding van misleidende claims en reclamelogo's te vermijden, onder andere in verband met de ecologische en de sociale eigenschappen van een product, vragen de VO dat de herziening van de Richtlijn 84/450/EEG over de bedrieglijke en de vergelijkende reclame zou worden afgerond.

Audiovisuele reclame

In het kader van het heronderzoeken van de richtlijn Televisie zonder grenzen bevelen de VO de herbevestiging aan van de volgende grote principes, die ten grondslag lagen aan de opmaak van deze richtlijn en die moeten worden toegepast op de televisiediensten zowel als op de mediadiensten:

  • bescherming van de minderjarigen (vooral ten overstaan van de nieuwe virtuele technieken, de clandestiene reclame en de uitnodiging om interactief te zijn via diverse te zwaar getaxeerde telecommunicatiemiddelen);
  • bescherming van de consument met betrekking tot meer dan alleen maar zijn koopgedrag;
  • bescherming van de gezondheid;
  • de reclamepraktijken, zoals de opdeling van het scherm, die niet wenselijk zijn in termen van bescherming van de kijker-consument. Daarnaast moeten de lidstaten de mogelijkheid behouden om striktere of meer gedetailleerde regels vast te leggen voor de uitgevers die onder hun bevoegdheid vallen.

Labelling

De VO willen een precies juridisch kader dat de meerwaarde waarborgt waarvoor het label staat, in de vorm van een transparant lastenkohier en controle door een geaccrediteerd organisme.

Om consumptiekeuzes aan te moedigen die meer verenigbaar zijn met duurzame ontwikkeling, moeten de consumenten informatie en duidelijke signalen ontvangen die hen in staat stellen om de sociale en ecologische variabelen in hun keuzepatroon te integreren.

In dat verband vragen de VO dat er snel werk wordt gemaakt van de herziening van het Europees ecologisch labelsysteem, met onder andere als doel om het systeem dynamischer, minder complex en minder duur te maken zonder aan de kwaliteit van de criteria en van de waarborgen voor de consumenten te raken.

Voor sommige productcategorieën zou het zinvoller zijn om ecologische profielen te ontwikkelen die vergelijkingen tussen producten mogelijk maken. De Commissie zou een kader moeten vastleggen voor de ontwikkeling van zulke types etiketteringen en zou moeten onderzoeken voor welke productcategorieën er het best ecologische profielen voorzien worden.

Daarvoor zou de Commissie zich voor de ontwikkeling van nieuwe informatiemiddelen moeten baseren op een grondige kennis van de behoeften en verwachtingen van de consumenten op het vlak van informatie over de producten.

Veiligheid van de voedingsproducten - een voedingsbeleid

Voedingsbeleid

De EFSA (European Food Safety Authority) moet een duidelijk actieplan uitwerken en zorgen voor een betere vertegenwoordiging van de verbruikersorganisaties bij de activiteiten van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid. Om een hoog niveau van bescherming van het menselijk leven en van de consumenten te waarborgen vragen de VO dat de implementatie van het actieplan, zoals beschreven in het Europees Witboek over de voedselveiligheid, zou worden afgewerkt: harmonisatie van de reglementering inzake controles, inzake hygiëne; systeem voor snelle waarschuwingen, beheer van crises en van dringende situaties, en verstrenging van de wetgeving op additieven en smetstoffen, voedingssupplementen, allergieverwekkende stoffen, etikettering en materialen die in contact komen met de voedingswaren.

Voeding en gezondheid

Meer dan gewoon een beleid inzake veilig voedsel te voeren, moet Europa ook meer belang hechten aan de impact van de eetpatronen - onder andere onder impuls van de reclame - op de kwaliteit van het milieu (verpakkingsafval, invoer van exotische producten per vliegtuig, ...), op het verlies aan culinaire kennis dat de consument afhankelijker maakt van de landbouwvoedingsindustrie (met haar kant-en-klare gerechten), en op de standaardisering van de voedselsmaken, die samengaat met de verdwijning van de traditionele producten die mee de culturele diversiteit in Europa uitmaken. Daarenboven moet Europa ook meer actief de ingevoerde eetwaren promoten die in duurzame sociale en ecologische omstandigheden geproduceerd worden (eerlijke handel).

Europa moet ook meer aandacht besteden aan een evenwichtig actieplan in verband met voeding en gezondheid, meer rekening houden met de problemen die verband houden met eetstoornissen zoals obesitas en anorexie, en een coherent preventieplan uitwerken.

De VO hebben reeds herhaaldelijk de desinformatie aangeklaagd met betrekking tot de impact van bepaalde producten op de gezondheid. Zij dringen erop aan dat elke niet-bewezen bewering over voedingswaarde verboden zou worden door het invoeren van een reglementair kader.

Veiligheid van de non-foodproducten

Om de consumenten meer veiligheid te garanderen, dringen de VO erop aan dat de veiligheid van de diensten en producten verbeterd en gelijkgeschakeld zou worden, ongeacht de plaats in Europa waar dit product of dienst vandaan komt. In dat verband dringen zij erop aan dat een echte risicoanalyse zou worden op punt gesteld en vragen zij dat de consument zou kunnen rekenen op evenveel veiligheid in zijn privé-leven als in zijn beroepsleven.

De normalisatie

In dit belangrijk proces voor de verbetering van de veiligheid van producten en diensten zijn de consumenten ondervertegenwoordigd. Daardoor houden de normen vaak niet in voldoende mate rekening met de consumentenbelangen.

Risicogroepen

Er moet bijzondere aandacht worden besteed aan de risicogroepen: kinderen, gehandicapten en bejaarden.

De kinderen vormen dus een risicogroep die meer aandacht verdient, onder andere door middel van voorlichtingscampagnes, strengere wetgeving en de uitwerking van normen. Kinderartikelen en kinderbeschermingsproducten (stopcontactbeschermers, deurstoppers, raamsloten, enz.) zijn producten waarvoor een hoog veiligheidsniveau verzekerd moet worden.

Veiligheid van de diensten die voor de consument bestemd zijn

Betrokken sectoren

De veiligheid wordt nog onvoldoende gewaarborgd in Europa. Een Europese reglementering die een even hoog veiligheidsniveau voor diensten eist in alle lidstaten, en de combinatie daarvan met Europese geharmoniseerde normen voor specifieke dienstensectoren dringen zich op. De informatie aan de consument en de opleiding van de dienstverleners zijn maar twee van de zwakke punten. Prioritair onder de dienstensectoren zijn: toerisme, sport- en recreatiediensten, telecommunicatie, computeronderhoud, installatie en onderhoud van gastoestellen, herstellingen (en onderhoud en kleinhandel), verzorgingscentra voor bejaarden, kinderdagverblijven en gehuurde toestellen.

Veiligheid in de privé-sfeer en op het werk

Omdat het gedrag van de consument een belangrijke rol speelt bij het ontstaan van ongevallen en men niet van de consument moet verwachten dat hij zelf alle risico's kan inschatten die aan het gebruik van een product verbonden zijn, en omdat de consument niet onderworpen is aan bepaalde gebruiksregels die van belang zijn voor zijn veiligheid (bijv. het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen, iets dat wel verplicht is voor werknemers op hun werk!), moet het niveau van de vereiste veiligheid in de privé-sfeer omhooggetrokken worden en zou dat niveau moeten worden gelijkgesteld met het veiligheidsniveau dat in de werksfeer geëist wordt.

Veiligheid van de informatiemaatschappij

De VO maken zich grote zorgen over de plaag van de spams, virussen en ongevraagde SMS'en.

Zij vinden dat de Europese autoriteiten in het kader van de zoektocht naar oplossingen voor dit probleem een belangrijke rol te vervullen hebben om te zorgen voor een efficiënte samenwerking tussen de lidstaten, zowel op gerechtelijk vlak als op het vlak van de uitwisseling van informatie.

Reizen - toerisme en transport

Er is werk aan de winkel in verband met de veiligheid van het luchttransport.

De Europese autoriteiten zouden moeten instaan voor een ruimere verspreiding van de informatie over de resultaten van de technische controles, die geharmoniseerd zouden moeten worden.

Het OIVO is van mening dat dit werk rond informatieverspreiding tot gevolg zou hebben dat de luchtvaartmaatschappijen meer op hun verantwoordelijkheid gewezen zouden worden en ertoe zouden worden aangezet om dubbel zo waakzaam te zijn. Daarenboven zouden de transparantie en de duidelijkheid van de informatie vooruitgang mogelijk maken op het vlak van de veiligheid.

De overname, door de Commissie en door de Raad van ministers van transport van de E.U., van de herziening van het ontwerp van richtlijn van de Europese Unie over de SAFA-inspecties (Safety Assessment of Foreign Aircraft) zou de gelegenheid kunnen zijn voor het concretiseren van deze plannen voor het verbeteren van de veiligheid.

Een voorstel van resolutie in die zin werd neergelegd in de Kamer.

Op het gebied van reizen moeten de klanten van de low cost-maatschappijen kunnen genieten van dezelfde vergoedingsmogelijkheden in geval van vertraging of van verlies van bagage. De VO vinden dat alle maatschappijen een zetel moeten hebben in elk land waar ze actief zijn. Zo zal de consument in geval van een geschil een klacht tegen de vliegmaatschappij kunnen neerleggen in zijn eigen land.

De VO denken ook dat het van primordiaal belang is dat de luchtvaartmaatschappijen de passagiers goed inlichten - in hun eigen taal - over hun recht op vergoeding voor elk mogelijk type van incident.

Om de informatie van het publiek te verbeteren, vragen de VO dat de E.U. regelmatig de cijfers over het luchtverkeer zou publiceren die betrekking hebben op:

  • de statistieken over de vertragingen per maatschappij en per luchthaven;
  • de statistieken over overboekingen; de statistieken over verlies, diefstal, beschadiging van bagage per maatschappij en per luchthaven.

In verband met grensoverschrijdende verkoop

Er moeten striktere wetgevingen komen teneinde de consument beter te kunnen beschermen. Dit omvat ook een betere controle en meer specifieke informatie opdat de consumenten beter geïnformeerd zouden zijn over hun rechten. Een harmonisatie van de verschillende nationale wetgevingen à la hausse is in dat verband gerechtvaardigd.

Gezien het groot aantal grensoverschrijdende geschillen dat te maken heeft met een consument die een aankoop doet in het buitenland, moet de werking van het Europees Centrum voor de Consumenten geïntensiveerd worden om de consumenten een veiligere toegang tot de eengemaakte markt te bieden.

Om de toegang tot het gerecht voor de consumenten te vergemakkelijken, moet het aantal commissies voor de buitengerechtelijke regeling van consumentengeschillen uitgebreid worden. In die context moet het Europees Centrum voor de Consumenten een grotere rol toebedeeld krijgen zodat het de consumenten kan verwijzen naar de gepaste commissies, op nationaal én op Europees niveau.

Verder zou het nuttig zijn indien het toezicht op de vrije toegang van de consumenten tot de goederen en diensten verstrengd zou worden.

Leefmilieu en duurzame ontwikkeling

Risico-evaluatie

In de loop van een mensenleven komt iedereen in contact met ongeveer 70.000 verschillende synthetische producten. Hun praktische voordelen en de alledaagsheid van hun gebruik doen ons soms uit het oog verliezen dat ze ook risico's kunnen inhouden voor de volksgezondheid en voor het milieu, zowel tijdens hun productieproces als bij het gebruik en op het moment dat ze als afval geëlimineerd worden. Slechts een klein deel van de 100.000 door de industrie gesynthetiseerde stoffen zijn toxicologisch grondig onderzocht. De gezondheids- en milieueffecten van de meeste daarvan zijn slecht gedocumenteerd en werden onvoldoende geëvalueerd voordat het product op de markt werd gebracht.

Het project REACH (Registration Evaluation Autorisation of Chemicals) wil alle geproduceerde stoffen aan een uniek evaluatiesysteem onderwerpen. De VO steunen dit project en willen dat het snel uitgevoerd wordt zodat de twijfelachtigste stoffen binnen een redelijk korte termijn onderzocht kunnen worden. In afwachting van die essentiële evaluatie willen de VO dat de consumenten over meer informatie kunnen beschikken betreffende de samenstelling van de verbruiksgoederen om met kennis van zaken keuzes te kunnen maken.

De pesticiden

De pesticiden (o.a. die welke gebruikt worden in de privé-sfeer en in de landbouwproductie) behoren tot de meest zorgwekkende gevaarlijke producten. De toepassing van de duurzame ontwikkelingsprincipes, en met name van het voorzorgsprincipe, zou zich onder andere moeten vertalen in het gebruik van de minst schadelijke efficiënte stoffen, in hoeveelheden die tot het strikt noodzakelijke minimum beperkt blijven, volgens methoden die de risico's beperken, zowel voor de gebruikers als voor de blootgestelde, niet-geviseerde levende wezens. De VO vragen dat de pesticiden grondiger onderzocht worden inzake hun impact op de levende wezens en op het milieu, zodat het aantal producten en hun aanwendingen aan strikte banden kunnen worden gelegd.

Wijzigingen van de consumptiepatronen Als we de consumptiepatronen willen bijsturen om ervoor te zorgen dat ze met een duurzame ontwikkeling verenigbaar zijn, zouden de Europese autoriteiten een echte strategie terzake moeten ontwikkelen, waarvan de belangrijkste elementen zouden kunnen zijn:

  • goederen en diensten in de handel brengen die beantwoorden aan toereikende sociale en ecologische vereisten, onder andere door de ontwikkeling van een geïntegreerd productbeleid;
  • de consumenten inlichten over de sociale en ecologische kenmerken van de goederen en diensten, waardoor zij verantwoordelijke keuzes kunnen maken;
  • aanmoedigingsmaatregelen ontwikkelen, zoals de maatregelen met betrekking tot de prijzen;
  • sensibilisatiecampagnes op touw zetten en de opvoedingsprogramma's herzien, in het bijzonder met betrekking tot de kritische analyse van reclameboodschappen.

In dat kader is het goed om aangepaste instrumenten te ontwikkelen waarmee de consumenten onderlegd en op een verantwoordelijke manier keuzes kunnen maken. In de automobielsector, bijvoorbeeld, zou het goed zijn dat het formaat en de inhoud van de informatie over de CO2-emissies en het verbruik via etikettering en reclame worden herzien, zodanig dat de consument de milieucriteria werkelijk in zijn keuzes kan integreren. Voor minder vervuilende auto's kiezen moet ook aangemoedigd worden door sterkere stimulerende maatregelen, zoals fiscale ingrepen en ingrepen op de prijzen. Bovendien moeten dergelijke maatregelen, om echt effect te ressorteren, deel uitmaken van een solide mobiliteitsbeleid.

Universele dienst

Wanneer een universele dienstverlening op Europees niveau wordt ingesteld moet de Europese Commissie in haar richtlijnen een verplichting voorzien voor elke lidstaat om juridische regels op te nemen die stellen dat bepaalde consumenten niet uitgesloten kunnen worden van de voordelen van de universele dienst zoals bijvoorbeeld op het vlak van autoverzekeringen of woonverzekering.


Logo Crioc

OIVO - Onderzoeks- en informatiecentrum van de verbruikersorganisaties
stichting van openbaar nut - Paepsem Business Park - Paapsemlaan 20 - 1070 Brussel
Tel. 02/547.06.11 www.oivo.be - E-mail : info (at) oivo.be
Disclaimer, Copyright, Privacy