Zoals we in juli 2010 al meldden, is er een nieuwe Europese energie-etikettering in de maak.
Waarover gaat het ?
De energie-etikettering stelt de consumenten in staat om al bij de aankoop te evalueren hoeveel het gebruik van de toestellen zal kosten. Ze kunnen dan bewust kiezen voor zuinige apparaten. De Europese richtlijn 92/75/EG heeft het energieverbruiketiket geïntroduceerd voor huishoudelijke apparaten, zoals koelkasten, diepvriezers, ovens, airco's, vaatwassers, wasmachines, combitoestellen, droogkasten en allerhande lichtbronnen. Op de etiketten staan quoteringen van A tot G, waarbij klasse A voorbehouden is voor producten die de minste energie verbruiken en dus het goedkoopst zijn in gebruik. Omdat er ondertussen ook al toestellen bestaan die beter scoren dan de standaardwaarden die voor klasse A opgelegd worden, werd een nieuwe classificatie uitgewerkt. Het toepassingsgebied van de richtlijn werd uitgebreid, zodat het in de toekomst ook producten van de commerciële en industriële sector te omvat.
Het basismodel, met name het lettersysteem (van A tot G) en de cijfercode, die gaat van donkergroen voor de spaarzaamste apparaten (klasse A) tot rood voor de energieverslinders (klasse G), blijft onveranderd, maar er worden drie klassen toegevoegd, namelijk A+, A++ en A+++, voor de meest energie-efficiënte producten. In totaal zal het aantal klassen op het etiket beperkt moeten worden tot zeven. Bovendien informeren pictogrammen de consumenten over de kenmerken en prestaties van het product. Zo wordt nu ook de uitstoot van geluid visueel voorgesteld.
Welk apparaat moet je kiezen?
De apparaten van klasse A+++, die minder energie verbruiken, zijn de beste keuze. Ze zijn soms duurder bij aankoop, maar altijd goedkoper in gebruik, waardoor ze uiteindelijk – over hun hele levensduur genomen – minder kosten. Het verschil tussen twee opeenvolgende klassen komt erop neer dat, bijvoorbeeld, een apparaat van klasse A++ 20% minder energie verbruikt dan een A+. Klasse A+++ komt dus overeen met 30 à 60% energiebesparingen in verhouding tot klasse A.
Een informatief hulpmiddel
De energie-etikettering werd ontworpen om aan de consumenten juiste, herkenbare en vergelijkbare informatie te verschaffen over het energieverbruik, de prestaties en andere essentiële kenmerken van de huishoudtoestellen.
De nieuwe etikettering is leesbaarder en identiek in alle Europese landen
Er verschijnen nieuwe elementen om de milieuprestaties van de producten en de geboekte technische vooruitgang te valoriseren. Die nieuwigheden omvatten:
- Tot drie bijkomende klassen van energie-efficiëntie, namelijk A+, A++ en A+++, kunnen toegevoegd worden.
- De teksten werden vervangen door pictogrammen die de consumenten op een eenvoudige manier zullen informeren over de kenmerken en de prestaties van het betrokken product.
- De aangifte van de geluidsuitstoot zal verplicht worden voor de producten waarvoor het geproduceerde lawaai een bijzonder ter zake doend criterium is.
De pictogrammen zijn een gemakkelijk en efficiënt middel om de consumenten informatie te verstrekken over de kenmerken en prestaties van de producten. Een voorbeeld: voor een wasmachine (cf. het energie-etiket hiernaast) maken de pictogrammen het mogelijk om in één oogopslag de geluidsniveaus tijdens het wassen en zwieren, de mogelijke hoeveelheid was in kilogram, het waterverbruik per jaar in liter, de zwierefficiëntie en het energieverbruik per jaar in kWh te zien.
Het standpunt van het OIVO
De invoer van de nieuwe energieklassen lijkt op een overwinning voor de fabrikanten. Door de klasse A uit te breiden gaat men bij de consument de indruk wekken dat hij/zij – ongeacht het aantal plussen – een product koopt dat in elk geval beter presteert, terwijl het in feite middelmatig zou kunnen zijn. Als men de klassen zou behouden die vroeger al gebruikt werden, dan worden de fabrikanten gepusht om uitstekende energieprestaties te voorzien. Om dat effect tegen te gaan blijft het aantal van 7 energieklassen behouden, maar wordt de schaal van de energieklassen dynamisch in de tijd gespreid, met doelstellingen die tegen datum X gerealiseerd moeten worden. Zo zal het in 2014 verboden worden om nog langer de televisietoestellen te verkopen die vandaag het meest verbruiken.
Eén enkele taal voor alle etiketten is ook een overwinning voor de fabrikanten omdat het etiket in alle nationale talen opstellen uiteraard duur uitvalt. Hoewel het gebruik van logo's die etiketten meer laat spreken, maakt het gebruik van één enkele taal de informatie moeilijker te verstaan.
Om af te sluiten willen we nog doen opmerken dat de eindversie minder ambitieus is dan het ontwerp van richtlijn.
Deze laatste voorzag immers dat:
- elke reclame waarin het energieverbruik of de prijs van een specifiek model van een huishoudtoestel vermeld werd, de energieklasse van het product zou moeten opgeven. Uiteindelijk wordt die beschikking enkel toegepast voor de vaatwasser en zal ze pas op 1 april 2012 voor de publicaties in voege treden.
- de energie-etikettering ook zou gelden voor nieuwe producten, zoals televisietoestellen, boilers en verwarmingsketels. Uiteindelijk werd enkel de televisie in de tekst opgenomen.
Om te besluiten nog dit: hoewel het een verdienste is dat deze etiketten bestaan, betreurt het OIVO dat dit nieuwe reglementaire kader niet verder gaat, in het bijzonder op het gebied van de streefcijfers aangaande het toelaatbare verbruik.
Het volgende document licht deze etiketten toe: De nieuwe energie-etikettering
De richtlijn lezen: zie http://eur-lex.europa.eu