Bovendien waren de antwoorden die gegeven werden op vragen die in 2008 gesteld werden in de conclusies van de Raad quasi waardeloos. Die vragen gingen bijvoorbeeld over de inschatting van de milieurisico's die aan de GGO-teelt verbonden zijn, wat de socio-economische impact ervan is en of het mogelijk zou zijn om GGO's tegelijk met klassieke teelt te verbouwen. Ook belangrijk was de vraag hoe de etikettering best aangepakt wordt. Bij het uitblijven van afdoende antwoorden heeft de Belgische milieuminister Joke Schauvliege laten optekenen dat de Belgische delegatie weigert over te gaan tot een debat.
Het OIVO is van mening dat de criteria rechtstreeks opgenomen moeten worden in de tekst van de richtlijn en niet in een bijlage. Het is belangrijk om alle bijzonderheden over de GGO's te kennen en een strikt kader van criteria te scheppen. Het OIVO vraagt ook dat de consument via de etikettering beter geïnformeerd zou worden of er al dan niet GGO's aanwezig zijn in de producten die hij of zij koopt.