Hoewel de analyse geen onweerlegbaar verband aantoont en het slechts gaat om een voorzichtige aanwijzing, herhaalt het OIVO haar advies aan de consumenten: zolang er geen zekerheid bestaat is het aangewezen voorzichtig om te springen met gsm-gebruik, vooral bij kinderen.
Het is de eerste keer dat de WGO rapporteert over een mogelijk verband. Eerdere verslagen deden integendeel juist vermoeden dat er geen relatie bestaat tussen gsm-gebruik en kanker. De elektromagnetische straling die uitgestoten wordt door gsm's en zendmasten is van een veel lagere frequentie dan bijvoorbeeld UV- of radioactieve straling. Die laatste werken ioniserend en zijn daardoor kankerverwekkend. Er is tot nog toe geen bewijs dat ook niet-ioniserende straling kanker veroorzaakt maar voor de WGO is het dus evenmin uit te sluiten.
Op dit moment gelden in Vlaanderen al zowat de strengste normen ter wereld voor niet-ioniserende straling, dubbel zo streng als de normen van de Internationale Commissie voor Bescherming tegen Niet-Ioniserende Straling (ICNIRP).
Het OIVO raadt de consumenten aan voorzichtig te zijn. Zolang er geen wetenschappelijke consensus bestaat over de schadelijkheid van gsm-straling, is het een goed idee enkele voorzorgsmaatregelen in acht te nemen:
- Voor lang durende telefoongesprekken is het beter oortjes te gebruiken. De handenvrijkit is ook een goede oplossing.
- Communiceren via tekstberichtjes is beter dan bellen.
- 's Nachts kan de GSM beter uitgeschakeld worden. Als hij aan blijft, zendt hij stralen uit.
- Voor consumenten met een pacemaker raden we uit voorzichtigheid af hun gsm in een borstzakje van een hemd of in de binnenzak of het borstzakje van een jas te bewaren.
- Aangezien de hersenen van kinderen nog tot de leeftijd van 16 jaar in ontwikkeling zijn en hun schedel dunner is dan die van volwassenen, is het uit voorzorg aan te raden het gsm-gebruik van kinderen te beperken.
Lees ook:
Het persbericht van het IARC.