Concreet moet de bouw van een passiefwoning aan vijf basisprincipes voldoen:
- Het warmteverlies beperken door een zeer effectieve isolatie te installeren (30 tot 45 cm dik, tegenover de 10 cm die in een gemiddeld huis worden gebruikt);
- Het warmteverlies beperken door een uitstekende luchtdichtheid van het gebouw (driedubbele beglazing);
- Een hoge luchtkwaliteit verzekeren via een mechanische ventilatie, uitgerust met een hoogst efficiënt warmteterugwinningssysteem;
- Op een duurzame manier gewonnen energie gebruiken (geothermische en zonne-energie);
- Het energieverbruik beperken door gebruik te maken van een hoogst efficiënte uitrusting.
Eens deze vijf principes zijn toegepast, daalt de consumptie van traditioneel gewonnen energie vanzelf zeer sterk en worden ketel en verwarming overbodig. Op Europees niveau staat de kwalificatie 'passief' trouwens gelijk aan een specifieke bouwwijze die een aangename kamertemperatuur toelaat zonder de aanwezigheid van een traditionele verwarming of thermostaat.
Om het etiket 'passiefwoning' te verdienen, mag het de woning qua verwarming niet meer gebruiken dan 15 kWh per vierkante meter per jaar. Dit staat ongeveer gelijk met een verbruik van anderhalve liter mazout of 1,5 m³ aardgas. Het totale energieverbruik mag niet hoger zijn dan 42 kWh aan primaire energie per vierkante meter per jaar.
Om oververhitting tijdens de zomer te voorkomen, werkt het ventilatiesysteem 's nachts overuren. Soms wordt ook gebruik gemaakt van een systeem dat de lucht afkoelt via de koudere grond rondom het huis. Daarnaast worden meestal zonneschermen geïnstalleerd.
Passiefhuis, huis van de toekomst...
De ontwikkelde landen staan voor een voorspelbare schaarste van fossiele energiebronnen en zullen worden geconfronteerd met de gevolgen van het tot nu toe zorgeloos verbruiken van deze bronnen. Die landen zijn nu dan ook gedwongen om innoverende technieken te ontwikkelen om, minstens gedeeltelijke, oplossingen aan te bieden voor de dubbele problematiek van het gebruik van uitputbare energiebronnen enerzijds en de strijd tegen de vervuiling anderzijds. De sector van de huisvesting draagt een niet-verwaarloosbaar deel van de verantwoordelijkheid op dat vlak.
De huidige milieucontext en het feit dat de meeste regeringen verbintenissen aangaan in de richting van zgn. "duurzame" ontwikkeling, enkel een gunstige invloed hebben op de tendens om passiefhuizen te bouwen, die de technisch haalbare en geverifieerde mogelijkheid bieden om de energiebehoefte beduidend te verminderen. Door de voorspelbare en onvermijdelijke stijging van het energieverbruik zal de aantrekkingskracht van passiefhuizen geleidelijk aan toenemen, omdat de benodigde extra investeringen steeds sneller rendabel zullen worden.
Een huis in gestort beton ?
Praktisch gezien is het bouwen van passiefhuizen geen utopie meer. Dankzij de beheersing van de technieken en de oppuntstelling van de materialen, heeft beton er zijn plaats gevonden. De voordelen op het vlak van thermische inertie en absolute luchtdichtheid zorgen ervoor dat het passiefhuis in gestort beton een technische oplossing is dat bij ons kan worden toegepast.
Dankzij de constante technische innovaties, heeft beton een oneindig potentieel ontwikkeld. Laten we echter niet vergeten dat beton in de eerste plaats een milieuvriendelijk materiaal is, dat samengesteld is uit natuurlijke grondstoffen die overvloedig in ons land aanwezig zijn, nl. klei en kalk, grind, zand en water. Naast zijn lage kostprijs, staat beton in de loop van de tijd ook borg voor veiligheid, en thermisch en akoestisch comfort, terwijl het bovendien zeer esthetisch is en zich uitstekend leent voor gedurfde creaties.
Bovendien zal elke nieuwbouw vanaf 2020 moeten voldoen aan zeer hoge normen op het vlak van energieverbruik.
Wat zijn de voordelen?
De experts zijn het erover eens dat het moeilijk is de voordelen te kwantificeren. Buitenlandse studies tonen aan dat de totale kost (dit is de som van de bijkomende kosten bij de bouw en het verbruik over een periode van 30 jaar) die van een nieuw huis gemiddeld niet overschrijdt. Dit is natuurlijk vooral te danken aan de kosten aan verwarming en energie die u uitspaart.
Tegenwoordig verbruikt een huis zowat 25 liter aardolie per vierkante meter per jaar, bij een passiefwoning is dit slechts anderhalve tot 2,5 liter. Voor een lage-energiewoning is dit zowat 5 tot 7 liter. Ter illustratie, de energiefactuur (verwarming inbegrepen) van een gemiddeld Waals gezin bedraagt vandaag tussen de €2.500 en €3.000. Het aandeel van de verwarming schommelt tussen de €1.400 en €1.700. In een passiefwoning wordt deze kost gedecimeerd!
Om te kunnen afstappen van een traditioneel verwarmingssysteem zonder aan comfort in te boeten, moet het gebouw zeer goed geïsoleerd zijn. Om te kunnen 'ademen' krijgt een passiefwoning frisse lucht aangevoerd door een warmtewisselaar aan hoog rendement. Zonne-energie is erg belangrijk voor een passiefwoning. Architecten letten dus in het bijzonder op de oriëntatie van de woning en op de afmetingen van de ramen.
Vroeger bestonden enkel passiefwoningen. Tegenwoordig breidt het concept zich uit naar collectieve woningen en kantoorgebouwen.
Volgens experts is de volgende stap de ontwikkeling van positieve-energiehuizen, die dus meer energie produceren dan ze er verbruiken. De CO2-uitstoot vermindert immers samen met het energieverbruik!