Zoals blijkt uit verschillende studies, waaronder de studie van het OIVO over de voedselprijzen over de grens, klopt het dat sommige producten goedkoper te verkrijgen zijn in het buitenland.
Ondanks de hogere transportkosten gaan Belgen om die reden in het buitenland winkelen. Ze genieten er van een ruimer aanbod en competitievere prijzen. Dat is een scherpe doorn in het oog van de Belgische distributiesector, die de inschatting maakt dat een Belgisch gezin gemiddeld negenmaal per jaar in het buitenland gaat winkelen en dat deze gewoonte met 10% is toegenomen.
De vraag stelt zich: waarom zijn de prijzen in België hoger? Maar waarom? We parafraseren Comeos: 'De belangrijkste verklaring is dat de leveranciers profiteren van het feit dat België een klein land is om hogere prijzen toe te passen. De toegevoegde waarde die de handelaar op een product biedt wordt voor 70% bepaald door de loonkosten. De loonlasten moeten dus verlaagd worden, zodat de bedrijven een grotere marge hebben om te investeren en hun prijzen aan te passen.'
Het is niet verrassend dat Comeos een dergelijke verklaring aandraagt. Ze kadert in de theorie van het vrije handelen. De logica gaat als volgt: hoe minder wettelijke verplichtingen op de handel wegen, hoe er verkocht zal worden op de markt en hoe meer werkgelegenheid er gecreëerd zal worden.
In die logica wordt echter aan een aantal essentiële zaken voorbij gegaan: de ontwikkeling van nieuwe technologie die het aantal arbeidsplaatsen in de verkooppunten doet afnemen (denk maar aan automatische kassa's); het feit dat consumenten die een lage koopkracht hebben niet méér zullen consumeren; de prijzenoorlog die in de handelssector woedt en die producenten drijft tot de fabricatie en het verkopen van producten van povere kwaliteit, die almaar vaker teruggeroepen moeten worden; het bestaan van prijsafspraken binnen kartels die de prijzen opdrijven (zoals over brood, melk, schoonmaakproducten en andere). Het is bovenal een denkwijze die eventuele verdere looneisen ontmoedigt.
De alternatieve verklaring is dat het gaat om een concurrentieprobleem. Als dat klopt, is het toch vreemd dat het World Economic Forum tot de conclusie komt dat België competitiever is dan Frankrijk. Ontbreekt het de Belgische bedrijven aan durf en reactievermogen om het hoofd te kunnen bieden aan een buitenlands aanbod dat omvangrijker en soms goedkoper is?